|
|
Internationale richtlijnen voor testgebruik
vrijdag 4 januari 2008Tests vormen een belangrijk hulpmiddel bij de begeleiding en advisering van personen en bij het nemen van beslissingen. Of het nu een klinische, onderwijs- of arbeidssituatie betreft, voor de geteste personen kunnen de resultaten verstrekkende gevolgen hebben. Het is dan ook van groot belang dat tests op zorgvuldige wijze worden toegepast. De doelstelling van deze richtlijnen is verantwoord testgebruik en de kwaliteit van de beroepspraktijk op het gebied van de psychodiagnostiek te bevorderen. Deze richtlijnen werden onder leiding van professor D. Bartram[1] ontwikkeld door de International Test Commission (ITC). Deze vertaling is een door de ITC geautoriseerde bewerking van de definitieve versie van de 'International Guidelines for Test Use (Version 2000)'.
Richtlijnen voor testgebruik op internationaal niveau zijn noodzakelijk om de volgende redenen:
- Er bestaan grote verschillen tussen landen in (wettelijke) maatregelen en voorschriften voor het gebruik van tests en de gevolgen voor de geteste personen. Zo zijn er in sommige landen nationale beroepsverenigingen die een wettelijke registratie van psychologen hebben, en in andere landen is dit niet het geval. Zo hebben sommige beroepsverenigingen een regeling voor toezicht op de naleving van richtlijnen voor testgebruik door niet-psychologen, en andere niet. De beschikbaarheid van internationaal aanvaarde richtlijnen kan de nationale psychologenverenigingen en andere betrokken organisaties behulpzaam zijn bij hun pogingen om richtlijnen te ontwikkelen en te verbeteren.
- Er bestaan grote verschillen in aanschaf- en gebruiksrechten van testmateriaal van land tot land. In sommige landen kunnen uitsluitend psychologen tests aanschaffen, in andere landen is hiervoor een registratie bij een officieel erkende testuitgever nodig, en in weer andere landen kan elke testgebruiker zonder enige beperking bij binnen- en buitenlandse leveranciers testmateriaal aanschaffen.
- Een aantal bekende instrumenten is op Internet verschenen. Hierbij is het copyright geschonden, omdat de inhoud van de test openbaar is gemaakt, zonder voorafgaande toestemming van de auteurs of de uitgevers.
- Op het gebied van werving en selectie heeft de grotere internationale mobiliteit van werknemers tot gevolg dat er een groeiende vraag is naar tests die bruikbaar zijn voor sollicitanten uit verschillende landen. Dikwijls worden de tests afgenomen in het ene land ten behoeve van een potentiële werkgever in een ander land.
- In verschillende landen, waaronder de Verenigde Staten en Groot-Brittannië, is het zogenaamde 'testen op afstand' via Internet ontwikkeld, onder meer in de context van personeelsselectie en onderwijs. Deze wijze van testen roept een aantal problemen op met betrekking tot de standaardisatie van de testafname en de controle over het testproces, waaronder de beveiliging van het testmateriaal.
Deze richtlijnen geven de huidige stand van zaken weer op het gebied van psychologische tests en studietoetsen zoals die blijkt uit het werk van specialisten (bijvoorbeeld psychologen, psychometristen, testuitgevers en testontwikkelaars) uit een aantal landen. De bedoeling was niet om nieuwe richtlijnen 'uit te vinden', maar om de gemeenschappelijke elementen van bestaande richtlijnen, beroepscodes, standaarden en andere relevante publicaties op een coherente en inzichtelijke wijze samen te brengen.
De richtlijnen moeten worden gezien als referentiemateriaal waaraan bestaande lokale standaarden kunnen worden getoetst op volledigheid en consistentie. Door de richtlijnen op deze manier te gebruiken of door ze te gebruiken als uitgangspunt voor de ontwikkeling van lokaal toepasbare publicaties (zoals standaarden, beroepscodes of verklaringen met betrekking tot de rechten van getesten) wordt een hoog niveau van consistentie over nationale grenzen heen bevorderd.
Deze richtlijnen hebben geen dwingend karakter, maar een ondersteunende functie. Hoewel zij de vertolking zijn van universele basisprincipes met betrekking tot verantwoord testgebruik, is het niet de bedoeling om uniformiteit op te leggen wanneer er gerechtvaardigde verschillen bestaan in functie en gebruik tussen landen of toepassingsgebieden.
[1] Op grond van literatuurstudie werden uit een groot aantal documenten (zie literatuurlijst) richtlijnen afgeleid. Deze eerste tekst werd besproken op een 'workshop' in Dublin (1997). De versie van de richtlijnen die het resultaat was van deze werkgroep is vervolgens in een aantal rondes aan vele deskundigen en psychologenverenigingen toegestuurd voor commentaar. Deze commentaren zijn in de definitieve versie verwerkt.
Download rapport
|
|